Category Archives: places

Ontdekking van de jungle

Na een minder verkwikkende nacht op een stretcher – auw mijn rug – gingen we met Ginto (Huaorani van 50 jaar, fysiek fitter dan onze groep bij elkaar) de jungle ontdekken. Dat wil zeggen, we liepen door de jungle met, zoals de Huaorani dat ook doen, kaplaarzen aan (ja Suus, daar gaan we weer). De mijne waren een maat te groot, dus erg lekker loopt het niet. Onderweg kregen we uitleg over diverse bomen en planten en hun werking. De ene was medicinaal, de ander was goed om pijlen mee te maken (inderdaad, deze mensen jagen voor hun voedsel) en ga zo maar door. Over al deze zaken ga ik nog een uitgebreider verslag typen voor onze vriend Lennart uit Baños, op verzoek wil ik dat mensen best sturen, maar voor dit blog is dat echt te lang.

Het loopje duurde 4 uur en was waanzinnig interessant en ook vermakelijk, zo hebben we aan een liaan geslingerd en heeft Ginto voorgedaan hoe ze hier bomen beklimmen. Niemand deed het hem na, voor de lol had ie niet verteld dat de tweede persoon niet meer dezelfde boom kan beklimmen, want dan is alle grip (mos) er af. Onderweg vonden we de liaan waar het gif (“curare”) voor de pijlen van wordt gemaakt, dat nam Ginto voor het gemak mee, wat betekent dat ie 4 uur lang zonder morren met een enorme bos hout in zijn nek heeft gelopen.

Terug in het kamp werd er voorgedaan hoe de curare wordt gemaakt en konden we pijl schieten met een blaaspijp, een instrument van ongeveer een metertje of vier tot zes waar ze mee door de jungle rennen achter apen aan en dan nog richten. Wat nou biathlon? Tijdens het ‘droogschieten‘ werd het duidelijk wat een enorme opschepper de gids is, hij schoot steeds zelf en nog mis ook!!!!

Er is een gevoel van wederzijdse nieuwsgierigheid tussen de Huaorani en de toeristen. Wij kijken onze ogen uit naar hen en zij naar ons. Zij zijn er wat minder subtiel in, ze doen alles na of moeten om alles lachen. Zelfs als we eten staan ze er naar te kijken. De ouderen hebben enorme gaten in hun oorlellen en lopen slechts in een onderbroek rond. Het is een hele aparte wereld alhier.

Posted in places | Leave a comment

Bameno

Na een heerlijke nacht vertrokken we per gemotoriseerde kano naar Bameno (het Huaorani dorp). We namen slechts de noodzakelijkste kleding mee, bijna niets dus. Onderweg hebben we diverse dieren gezien, waaronder kleine kaaimannen, vleermuisjes, schildpadden en heel veel vogels en schitterende vlinders. Natuurlijk is de jungle erg groen (en bruin) en dat was een lust voor het oog. Minpunt was dat dit deel van de reis zeven uur in die kano zitten inhield. Zitten is op zich te doen, maar de bankjes zijn gewoon zwaar hard na een uur. En niet te vergeten, het is warm, heel warm en vochtig. Welcome to the jungle

Toen we aankwamen werden we opgewacht door de Huaorani: vrouwen, kinderen en wat oudere mannen. De kinderen gingen meteen meehelpen alles te versjouwen en de tenten op te zetten. Een hoogtepunt was het feit dat er een toilet aanwezig was. Alhoewel je het liever in de natuur doet, want het is een hutje met daarin een pleepot, zonder bril. Doorspoelen doe je met een bak waarmee je uit een vat water moet scheppen. Op de een of andere manier vind ik de toilet minder fris dan de vrije natuur. Maar ja ik durfde niet alles zo in de natuur te dumpen, want we verblijven in een dorp en we worden overal bekeken.

Afijn na ht tenten opzetten was het hoog tijd voor een frisse duik. Met een zwik Huaorani zijn we de rivier opgevaren naar een strandje. Daar vonden ze een nest met uitkomende schildpadjes. Zo schattig!!!! De schildpadjes waren prematuur, dus we gingen ze even wassen en daarna werden ze meegenomen naar het dorp om wat groter te worden, anders zouden de piranha’s ze direct opeten. Dat moet je niet hebben, want als ze groter zijn, dan kunnen de indianen ze opeten en dat levert meer op :-) . Met een ondergaande zon is Zor met een groep sterkere zwemmers met de stoming meegezwommen naar het dorp. Ik heb de boot genomen, ik ben geen held zonder mijn flippers.

Terug gekomen gegeten en zelfs een stukje tapir geproefd. Best lekker.
Een jammer punt bleek dat alle mensen die duitstalig zijn, maar waarvan er vier prima Engels kunnen, alleen maar duits praten tijdens de maaltijd. Ik kan er nog wel wat van begrijpen, maar Zor bijna niet. Na het eten rondjes met de kinderen gerend.

Posted in places | Leave a comment

Naar de jungle …

Gisteren hebben we geprobeerd een cultureel uitstapje te maken naar Cochasqui, alwaar pre-Inca pyramides staan. Na een bustocht van 2 uur en iets meer en een bustochtje terug naar de plek waar we eruit hadden gemoeten, bleek dat we op het heetst van de dag nog even een tochtje van 3 uur bergopwaarts moesten maken, te voet. Na een mislukte poging om een lift te regelen (er kwam namelijk niemand langs) de bus weer naar Quito genomen. Daar hebben we heerlijk de toerist uitgehangen.

Vandaag dus de eerste dag van ons Amazone avontuur. Om 7.45 uur troffen we de groep (Isabelle en Stefan -ch-, Jürg und Thomas -de-, Marianne en Ivo -ch-) op het vliegveld. Isabelle kon niet geloven dat we dezelfde tour gingen maken, ze kneep me van enthousiasme helemaal fijn. Zij is net zo’n oma die je veel te hard in je wang knijpt. Met het vliegtuig naar Coca gevlogen. Aldaar opgewacht door de gids, Carlos.

Met de bus zijn we vertrokken naar de plek waar een boot ons verder zou vervoeren. De weg is ongelofelijk slecht, dus de bus hopste op en neer. Ik werd dus hardstikke wagenziek :-( . Vervolgens konden we onderweg niet meer verder, want een dorpje had een gat overdwars in de weg gegraven om de onmin jegens de uitbuitende oliemaatschappij te uiten: een staking. Uit dit gebied wordt olie gedolven, maar de plaatselijke bevolking profiteert daar nauwelijks van mee. Okee, ze hebben een baan, maar meestal is dat het zware, kutwerk en worden ze daar ondermaats voor betaald. Staking dan maar. Maar ook wij konden dus niet verder. Gelukkig was er aan de andere kant van het gat in de weg een brakke truck waar we achterop konden (staan). De stakers waren gelukkig over te halen ons door te laten. Gevuld met hoofdtooi en speer zagen ze er niet al te vriendelijk uit. Onderweg liftten er nog diverse mannen mee. Gelukkig zat de jongen die zijn neus bleef snuiten in zijn handen en het overal afsmeerde dicht bij ons, hé lekker.
Het is moeilijk voor te stellen onder welke omstandigheden de mensen hier leven, zonder stromend water, zonder electriciteit, houten huisjes (meer een soort hokken zonder ramen) in de smerigheid. Geen wonder dat niet iedereen blij naar ons zwaaide, wij zijn de te rijke toeristen die aapjes komen kijken.

Dus: 5 uur na aanvang van de busrit konden we eindelijk naar boot toe. De boot ligt, zoals de rest van de tour, in het gebied van de Huaorani indianen. Die werden betaald voor de doorgang ($20 p.p.) en daarna konden we in de gemotoriseerde kano stappen. Stel je voor dat je in een metalen kano van 8 meter zit met een buitenboordmoter van 75 PK erachter, twee aan twee op houten bankjes met een kussentje erop. Stel je voor dat je daar dan drie uur in moet zitten en opletten op ovehangende takken, je hebt er zo eentje in je gezicht (ik dus).

Aangekomen bij de lodge van de touroperator kregen we te eten en te drinken en konden we douchen. Als je een tour boekt van vier dagen, dan blijf je in die lodge, die redelijk goed te doen is, lekker in een hangmatten liggen, tarantula boven je hoofd. Chillen dus.

Wij niet. Wij namen de 7 daagse tour :) .

Posted in places | Leave a comment

Terug in Quito

Vandaag hebben we (noodgedwongen) maar weer een rustdag ingelast. Als eerste zijn we langs Kem Pery gegaan om de komende jungletour te betalen. Natuurlijk moesten we drie banken af voordat we het gewenste bedrag konden pinnen. Bij Kem Pery werd ons vermoeden bevestigd. Onze vriendin Isabelle (van de Galapagos boot) had ons gemaild dat ze zaterdag naar de jungle zou afreizen, en ja hoor bij toeval heeft zij ook daar geboekt voor zeven dagen in dezelfde groep (zeven man). Wij kunnen onze lol niet op, want er zijn zoveel touroperators, het is werkelijk heel toevallig dat we nu weer met haar samen zullen reizen. Zij weet nog van niets wij hebben later geboekt dan zij, hehehe. We gaan zaterdag met het vliegtuig naar Coca, de bus van Quito naar Coca duurt namelijk 10 uur en is een ware hel zo slecht is de weg, om daarna alsnog met een bus en daarna een gemotoriseerde kano het regenwoud in te worden vervoerd. Voor de ontvangst op het vliegveld en later in Coca hebben we nu eindelijk ook naamstickers met de touroperator erop vermeld gekregen, HOERA!

Wat nog misschien het allerleukste is, is dat Zoran zijn 30ste verjaardag zal vieren in een echt afgelegen Amazone indianendorp, veel gekker kan je het toch niet bedenken.

We hebben verder vandaag niet zoveel gedaan: Laatste inkopen voor het regenwoud-avontuur, Engelse boeken gekocht en gelunched bij de supercommerciele Magic Bean. En het blog bijwerken :) .

Posted in places | 2 Comments

Cotopaxi

Om zeven uur opgestaan en om acht uur kwam onze gids voorrijden in zijn 4×4. Onderweg moest hij nog even een krantje kopen, want in Quito is vanmiddag een demonstratie tegen de huidige president, maar tegelijkertijd ook een demonstratie voor de huidige president. Dit land schijnt politiek gezien een ramp te zijn: elke twee jaar zit er nieuwe president en dat doet bijna niemand goed. Uiteindelijk was de opkomst van beide demonstraties 1:3, voor:tegen de president.

Eerst werden we uitgelaten bij het museum van het nationale park Cotopaxi, dat stelde weinig voor. Het leukste was de ontdekking dat een stinkdier alhier een Zorrillo heet, wat voor Zoran een leuke en treffende nieuwe bijnaam oplevert :-) . Vervolgens mochten we van onze ‘gids’ een rondje om het meer lopen. ‘Gids’, omdat deze man niet meer kon dan rondrijden in zijn 4×4, hij wist helemaal niets over het park of de vulkaan en bleef uit gemak in zijn 4×4 zitten, terwijl wij er alleen op uit moesten. Hij deed dit al 25 jaar! Afijn, hoogtepunt van het meer: een wild paard!

Aangekomen bij de vulkaan werden we weer uitgelaten en kon ‘gids’ melden dat we een uur omhoog moesten lopen naar de refugio (hut), waar we de door hem meegebrachte lunch konden nuttigen en een warme bak thee konden krijgen. Dus daar gingen we dan … lopend naar 4875 meter hoogte. Hoogte maakt zwaarademig en geeft je hart een enorme boost, dus veel stoppen en langzaam lopen. Op drie kwart haalden wij een Engels stel in met hun gids (die ging wel mee naar boven). In de refugio zijn we met hen in gesprek geraakt, hij 68 en kinderadvocaat in ruste en zij 62 en deeltijd kinderpsychiater. Na de lunch en thee zouden zij met ‘de gids die wel meeging’ naar de gletsjer lopen. We kregen de uitnodiging om met ze mee te lopen, welke wij graag aannamen. Zij had nogal een probleem met het hoogteverschil en moest regelmatig stoppen, terwijl hij haar steunde en steeds vroeg of ze terug wilde. Dat wilde ze niet, want ze bleek een enorme bikkel! We weten hun namen niet, maar wat een enorme lieve mensen waren dit!

Naar beneden was een kleine tien minuten, omdat we toen de supersteile afdaling konden nemen. Ik was erg verbaasd over het verschil in tijd dat dit kan zijn. Onze chauffeur heeft ons vervolgens afgezet langs de Panamericana (waar Zoran alsnog knallende hoofdpijn kreeg van het hoogteverschil). Dat zou ons een ruim uur met de bus naar Quito schelen, dan wanneer we terug waren gereden naar Latacunga.

Even een korte uiteenzetting over het busvervoer alhier: Er rijdt een bus langs, je steekt je hand op en dan stopt ie langs de weg, ongeacht waar. Je backpack schuif je in de laadruimte – waar ie later nat of vol modder weer uitkomt – en stapt in. Dan betaal je en word je afgezet, behalve als een medepassagier je er op wijst dat je nog een dollar terugkrijgt.

In Quito zijn we in ons oude vertrouwde hostel Alcala belandt. De demonstratie was zonder incidenten afgesloten. Oef :) .

Posted in places | Leave a comment

Latacunga

Het was alweer ons laatste stoombad, bij drie keer zouden wij ons herboren moeten voelen. Zoran voelt zich al dagen belabberd en ik had ineens heel gevoelig tandvlees rond mijn verstandskies. Nou ja, het stoombad was in elk geval hardstikke prettig om de dag mee te beginnen.

We namen de bus naar Latacunga, waarvandaan we naar vulkaan Cotopaxi wilden. We boekten een kamer in hotel Estambul, tot op heden het meest prijzige: $20 per nacht, maar zeker niet de beste kamer die we hebben gehad. Het meest interessante was het schilderij waarop een tafereel stond van een brand en twee paarden die zich het vege lijf pogen te redden. Om half zes zou de gids voor het tochtje naar Cotopaxi zich melden in het hotel. Aangezien er verder geen manier is om bij die vulkaan in de buurt te komen is, of je moet heeeel lang willen lopen, hebben we het tochtje geboekt.

Aangezien we toch bezig waren, hebben we meteen een jungletochtje geboekt bij Kem Pery. Deze tocht houdt in dat we zeven dagen de Amazone ingaan en ´echte´ Amazone indianen gaan ontmoeten :-) .

Posted in places | Leave a comment

Anders ga je ff fietsen!

Vandaag zijn we onze dag begonnen met een verkwikkend stoombad. Daarna besloten we mountainbikes te huren om Het Traject Van De Watervallen te fietsen. Dit traject beslaat 20 kilometer, waarvan het meeste bergafwaarts.

De minpunten even op een rijtje: Ik had nog nooit op een mountainbike gezeten (met name het hele smalle zadel gaf pijnlijke momenten), het traject gaat grotendeels langs de weg waar ook al het overige verkeer rijdt (incl. bussen, vrachtwagens) en we moesten 1 tunnel nemen (i.c.m. nachtblind & geen verlichting). Dus we begonnen met het proberen van de fietsen, ik moest een nieuw wiel, want het voorwiel had bijna geen profiel. We hebben die verhuurjongen helemaal gek gemaakt, hehehe.

De tocht ving aan: Bergafwaarts is rete-eng, dus ik vol op de rem, heeeeelp! Bergopwaarts is rete-zwaar, nog meer heeeelp! Natuurlijk ging het onderweg regenen, dus ik pakte vol genoegen mijn gele regenponcho, die ik vol trots aandeed, haha. Het resultaat loog er niet om, ik zag eruit als een enorme gele vlag met een fietshelm erboven. Uiteindelijk ging het redelijk, maar reden we een tunnel in … pikzwart, dus wie kwam er huilend van angst uit die tunnel, ons aller Saar. Even troosten en toen moesten we toch echt weer verder fietsen.

Halverwege de route hadden we een leuk intermezzo, waarbij we ons via een brakke kabelbaan over een hoogte van 50 meter lieten vervoeren naar San Pedro. In San Pedro is weinig tot niets: een forellenkwekerij(tje), orchideen, een waterval (San Pedro) en een eetgelegenheid waar je je niets bij voor hoeft te stellen. De attractie is dat je je eigen forel mag vissen, die ze vervolgens klaarmaken. Dat hebben wij niet gedaan! Ook leven er vele mooi gekleurde vlinders. De rustieke omgeving en het niet op de fiets zitten deed ons goed. Terug met de kabelbaan en weer op de fiets verder, AUW! Zonder er erg in te hebben waren we in Rio Verde belandt, waar de waterval El Diablo stroomt. Dit was zoals de naam doet vermoeden een soort monster van een waterval.

De terugweg is niet te doen op de fiets, of je moet het lekker vinden om 20 kilometer bergopwaarts te fietsen (Bas, Jobien?). Je kan dan je fiets op een truckje laten vervoeren en dan mag je ook in de achterbak plaatsnemen. Halverwege kwamen we er achter dat de plaatselijke bevolking ook van dit vervoer gebruik maakt. Dus we zaten ineens tussen een enorme familie, met de meest schattige kotertjes ooit, in de achterbak van de truck.

Teruggekomen in Baños hadden we in de gaten dat de vulkaan als een zwarte gigant boven de minimale bewolking uitstak en er op los rookte. Dus met de fiets naar een uitzichtpunt gekart en eindelijk de foto’s genomen die we zo graag wilden hebben. Hoera :)

‘s Avonds zijn we uit eten gegaan met onze nieuwe vriend, Lennart uit Amsterdam. Hij doet zijn afstudeerproject in Ecuador over indianen, olie en … nou ja, allemaal best ingewikkeld.

Posted in places | Leave a comment

Baños

Dus Riobamba lieten we maar voor wat het was. Je kon daar een treinreis doen met een gare trein waar je op het dak kon zitten, maar ik had het inmiddels zwaar gehad met het openbaar vervoer alhier. Baños was maar een uurtje met de bus en daar is het zwaar relaxed, zegt de Rough Guide.

En ja hoor, Baños is zwaar relaxed!!! We vonden een hostel (Plantas y Blanco) met mooie lichte kamers, warm water, ontbijt op het dakterras met uitzicht op een waterval en een stoombad in de ochtend. Eerst op zoek naar een goeie kop koffie, want Ecuador is het land van de oploskoffie met een klodder zoete room erop. We vonden een alleraardigste toko (Ali Cumba) gerunt door een dame die in elk geval van origine Europees is en een echt koffieapparaat heeft. De eerste echte koffie verkeerd!! Zalige broodjes en een goed verhaal: de concurrentie is hier moordend en zij gaat dus twee maal per dag op straat toeristen binnenhalen. Was ze twee Zweden tegen gekomen, die perse niet bij haar binnen wilden gaan, omdat haar tent niet in de reisgids staat vermeld. Dat was natuurlijk belachelijk, dat waren wij met haar eens. Daarnaast had zij echt de beste koffie en dat zijn wij ook met haar eens :-)

Daarna eens langs de toeristeninfo gehobbeld en een kaartje met loopjes rond de stad gehaald. Baños is een stad aan de voet van een actieve vulkaan (Tungurahua), die voor het laatste in 1999 is uitgebarsten. Hij borrelt en stoomt, maar is verder onder goede controle, dus we zijn redelijk veilig. Omwille van de actieve vulkaan, zijn hier overal thermische baden, vandaar de naam Baños. De stad bruist van toeristen en rijkere Ecuadorianen.

Ons eerste loopje zou langs diverse kijkpunten gaan. We liepen dus meteen verkeerd en een half uur tot drie kwartier de berg op, maar dan de verkeerde kant op. Uiteindelijk wel het goede loopje gedaan, maar het duurde wat langer dan verwacht. Daar kwamen we achter toen we in de plaatselijke vegetarische eetgelegenheid aankwamen. Het was reeds tien over zes en we waren rond een uur of half drie vertrokken, het loopje zou ongeveer een uur duren. Toen zijn we maar gaan eten, we hadden best honger.

‘s Avonds besloten we de houten bus naar het uitzichtpunt te nemen, want dan zou je de vulkaan zien borrelen. Met allemaal lokale toeristenjongeren -allemaal dronken- op het dak van de bus vervoerd naar het uitzichtpunt. Ik was doodsbang, want het ging nogal hoog, het schudde erg en die bus was brak. Aangekomen waren er wolken voor de vulkaan, dus geen vulkaan. Gelukkig vertrok onze bus zonder ons, want stel dat ze hier aangeven dat ze vertrekken, dat zou veel te slim zijn geweest. Nog gelukkiger was er een tweede bus, waar we als verstekelingen in konden stappen. Ditmaal niet op het dak, dus er waren twee mensen die extra het dak op moesten, het regende op de terugweg ;-)

Vanmorgen waren we helemaal kapot. Tijd voor een stoombad. Hilarisch!!! We gingen in ons zwemgoed in een houten kist waar alleen je hoofd uitsteekt en dan stroomt dat ding vol met warme tot hete stoom. Vervolgens word je er om de zoveel minuten uitgehaald voor een afkoelmoment. De ene keer moet je jezelf afdeppen met een koude handdoek, de andere keer in een badje liggen en je buik masseren. Op het laatst word je afgespoten met een keiharde koude water straal. Morgenochtend gaan we het weer doen, het is beter dan een douche.

Ik heb besloten dat ik vandaag wellicht een stukje geroosterde cavia ga proeven, gna gna gna.

Posted in places | Tagged | 2 Comments

Ingapirca – Ambato

En dan was het tijd om ons fijne hotel en Cuenca te verlaten. Onderweg zijn we langs Ingapirca gegaan. Ingapirca is een archeologische plek, waar men een deel van Inca bouwsels heeft blootgelegd en zelfs een aantal pre-inca bouwsels. Heel interessant, maar na een rondje foto’s en een korte wandeling waren we er klaar mee.

We besloten om meteen met een bus door te karren naar Riobamba. Alles goed en wel, het zou een uur of vijf duren, maar dan hadden we het wel maar gehad. We moesten eerst staan, want de bus was vol. Al snel konden we zitten, gelukkig want Zor stond redelijk klem en moest al blij zijn dat ie bij het gedeelte stond waar de bus iets verhoogt was. Afijn, het duurde en duurde en we ergerde ons groen en geel aan de man – lokale persoon – die schuin voor ons zat. Deze meneer had het niet op de indianen en deze mochten dan ook niet plaatsnemen op de stoel naast hem, hij verwees ze meteen naar achteren te lopen, waar dus geen plaats meer was. Toen er eindelijk een indianendame het lef had naast hem te gaan zitten, besloot hij haar dwars te zitten. Hij had namelijk de hele tijd zijn voet schuin over haar heen tegen het raam geplaatst. Wij waren natuurlijk razend.

Na een uur of vijf, begon ik het idee te krijgen dat we wel erg lang in de bus zaten. Een half uur later kwamen we er achter dat de jongen die ons de kaartjes had verkocht niet even had gemeld dat we al in Riobamba waren, kortom: we waren er allang voorbij. De mensen die mij goed kennen, kunnen zich de razernij die uit mij opsteeg in Nederlands vloeken wel voorstellen.

Dit is de tijd om te melden hoe ongelofelijk dom de mensen hier zijn. En ik heb het niet alleen over deze oliebol, maar echt zeker 90% van de Ecuadorianen zijn dom. Even een voorbeeld: wij zitten in een cafe en willen chocoladefondue bestellen, dat kan alleen voor 4 personen. Dan willen we de chocoladetaart, die in zeker 4 soorten op kaart vermeld staat, het is per slot van rekening een chocolade georienteerd cafe. Neen, we hebben alleen chocoladefondue, maar dat is voor 4 personen. Of je besteld een salade, ja alleen de salade. Krijg je het hele combi-menu, waar ook salade bij hoort. En de lijst is langer, veel langer.

Dus stonden we om half acht in Ambato, een stadje waarin niets maar dan ook niets te doen valt. We hebben een hostel gezocht en zijn pizza gaan eten, want je moet toch wat.

Posted in places | Leave a comment

El Cajas

Gisteren hebben we een chill-dag ingelast, aangezien Zoran een beetje last had van de hoogte waarop we zitten, ongeveer 4 kilometer. Hij had last van kortademigheid en aanverwante klachten. Het was dus tijd om alle eet- en drinkgelegenheden in Cuenca uit te proberen. De Nederlandse toko bleek niets aan, de Engelse toko ook niet en de plaats waar ze zelf chocolade zouden maken, had geen chocolade. Met dank aan de zeer slechte Rough Guide! Gelukkig bleek de Duitse tent ‘Wunderbar‘ wel te zijn wat de reisgids beloofde.

El Cajas: Het werd tijd voor wat beweging na al het eten en film kijken op het filmkanaal in het hotel. We besloten naar het nabij gelegen nationale park El Cajas te gaan voor een stevige wandeling. Eerst even een busritje van een uurtje in een beetje te klein uitgevallen bus vol met lokale indianen. Met indianen bedoel ik dus echte Zuid-Amerikaanse indianen met hoedjes en gekleurde kleding en standaard met regenlaarzen aan. Suus je modeverschijnsel van de regenlaars is hier allang ‘in’, we hebben nog erg gelachen bij de gedachte dat jij hier in je hippe regenlaarzen zou rondlopen. Daarnaast zijn de indianen ook vrij vies en het stonk dan ook ongelovelijk in de bus.

Aangekomen in het nationale park kon de ranger ons vertellen dat we alleen maar het rondje om het meer konden lopen, omdat er te veel mist was om verder te lopen. Dat rondje zou 2 uur duren, dus daar konden we goed mee leven. Om een idee te geven van de omgeving moet je je voorstellen dat je door een vrij groen gebied loopt, met her en der meertjes, overal laaghangde wolken en een constante regenachtige vochtigheid. De hoogte is een redelijk lastige factor,dus we moesten rustig aan lopen en goed op adem blijven.

Nat en koud in het hotel terug gekomen hebben we een heerlijke hete douche genomen en zijn bij Wunderbar lekker gaan eten, hmmm. Om mijn dag helemaal goed te maken heb ik op de plaatselijke markt een uitermate hip spijkerjasje met capuchon gekocht.

Posted in places | Leave a comment